Artikel | Vrouwen weven werelden, textiel als politiek en culturele actie

Herstellen, bewaren en doorgeven van textiele kennis is een vorm van zacht activisme: een alledaagse praktijk van culturele uitwisseling, een gender relevante en politieke daad die ingaat tegen een economie van wegwerpproductie en markteconomie.

 

In een versleten kain van mijn grootmoeder ontdekte ik heel klein herstelwerk. Gedaan met een gele en groene draad, het patroon volgend van de stof. Deze kain is oud en heeft mijn oma meegenomen tijdens de migratie van voormalig Nederlands-Indië naar Nederland. Ik kan haar nog zien staan in haar keuken in deze vrolijk gekleurde – geel – groen – roze geprinte kain in bloemmotief. Het is een ‘werkkain’, zij droeg deze in haar huis. In de stof zitten overal gaatjes, de stof is versleten. Geen geld om stof te kopen of nieuwe kleding. In die tijd – jaren 50 – was veel kleding die zij droeg gekregen van anderen. Er waren nauwelijks kains, sarong of tenuns te koop. Veel spullen waren achtergelaten.

Herstellen van meegenomen kleding was essentieel, bewaren, zorgvuldig dragen, hergebruiken en vermaken. Nu kunnen we deze handelingen ook zien als duurzaam en circulair. In de wegwerkindustrie, met enorme hoeveelheden reststromen van textiel, kunnen we veel meer recyclen, repareren en hergebruiken. Juist wat onze oma’s en onze moeders ons leerden moeten we meer erkenning geven, onderzoeken welke technieken en gebruikten zij nog meer uitvoerden om zo tot nieuwe duurzame gebruiken te komen.

 

Cheroney Pelupessy tijdens Ikat cursus

Kain van mijn oma Jansje Silahoy

 

Verbinden van generaties

Voor mij is textiel een drager van culturele identiteit, materiële cultuur en een boodschapper van oorsprong, cultureel erfgoed en een manifestatie van diversiteit en verbinding. Er ligt een gelaagdheid in ten grondslag die van generatie op generatie overgedragen wordt. Zowel in de vrouwelijke lijn van mijn moederskant (Nederlands) als mijn vaderskant (Saparua) is mij geleerd hoe met textiel te werken; het zelf maken van kleding, werken met de naaimachine, borduurwerk, klein naaldwerk voor reparatie. Onze grootmoeders, moeders, tantes, zussen, kinderen – nog steeds geef ik dit werk door. Mijn beide dochters weten hoe te werken met naald en draad.

 

Op de Molukse eilanden en dan met name de Tanimbarese eilanden is tenun ikat een belangrijk onderdeel van ons cultureel erfgoed. Via de textiele doeken vertellen we verhalen over de wereld om ons heen en verhalen die spelen in onze gemeenschap. De doeken en draden verbinden ons met onze oorsprong, maar ook met onze toekomst. Er zijn veel  verhalen te vertellen over het weven, de wevers, de gebruikte garens en plantverfstoffen, de rol en betekenis van de doeken, de gemeenschap die samenwerkt. Het is belangrijk dat we deze kennis bewaren en levend houden.

 

Net als al het ambachtelijk werk vergt het werken met textiel tijd en geduld. Het maken van een tenun ikat is handwerk en om de doeken te maken werk je met lichaam en handen als onderdeel van het heupweefgetouw. Voor ons is het werk heel meditatief. Het brengt ons tot rust in een complexe en altijd maar meer willende samenleving.

 Het werken met het weefgetouw, waarmee we nieuwe stof laten ontstaan zegt ons ook iets over de duur van de stof. Hierin zit zoveel van jezelf in, dat je het uit je hoofd laat om het weg te gooien.

 

Micro-economie

Tegelijkertijd is weven nog steeds een belangrijke bron van inkomsten voor met name vrouwen. In 2023 leerden wij Fin Watumlawar en haar dochter Helen (RiP 2024) kennen. Zij zijn van oorsprong Tanimbarees en wonen in het dorp Tawiri op Ambon. De man van Fin richtte coöperatie Ralsasam op. Een collectief om te zorgen voor het behoud van dit ambacht onder andere door promotie en verkoop van de stoffen. Dus als je naar Ambon gaat, ga dan langs en ondersteun de vrouwen die aan de tenun ikat werken door hun weefsels te kopen. Daarmee zorgen we voor economische onafhankelijkheid, waardering en behoud van het textiele werk.

 

Gender en kunst

In de kunst is textielwerk lang beschouwd als vrouwelijk handnijverheid, als iets wat thuishoort in het huiselijk domein en niet naar buiten gaat. Hierin komen twee belangrijke miskenningen bij elkaar. Het vrouwelijke en het huiselijke. Door de eeuwen heen zijn vrouwen, binnen het westers begrip van kunst, onzichtbaar. Als gevolg van systemische uitsluiting, maatschappelijke rolpatronen en institutioneel discriminatie. Nederlandse musea zijn met een inhaalslag bezig, maar slechts een klein deel van zichtbare en aangekochte kunst is van vrouwen. Daarnaast is het werken met textiel verbonden aan het vrouwelijke en het huiselijke. Binnen de kunstwereld heeft het werken met textiel altijd onder aan de kunstladder gestaan.

 

Tenun Ikat van Fin Watumlawar - dengan hormat - Helen Watumlawar rip

 

 

 

 

Werken met textiel verbindt handen, hoofd en hart. In de beoefening hiervan voelen wij ons nauw verbonden met de Molukse OIALE als symbool. Deze verbindt ons niet alleen met onze voorouders en gemeenschap, maar geeft ook richting aan de manier waarop we ons leven kunnen inrichten met elkaar, in een duurzame en gelijkwaardige verbinding met de aarde, mensen over de hele wereld en toekomstige generaties.

Het is essentieel om zorgvuldig te handelen en ambacht, textiel en verbeelding te erkennen en te positioneren, vrouwen daarbinnen een centrale rol en zeggenschap te geven en samen te werken aan onze duurzame relatie met de wereld. Elke steek, elke reparatie en elk doorgegeven patroon is een manier om die toekomst vorm te geven.”

 

Loes Leatemia

Textielkunstenaar en antropoloog

Mede-richter van Weaving Worlds, samen met Sera Koolmees en Olivia de Ruiter

Kakidea | bound by the Oiale | 2024